Help, mijn zoon is niet gemotiveerd!

Van de week werd ik weer gebeld door een bezorgde moeder. Mijn zoon van 17 is slim, maar hij wil niks. Hij Is niet gemotiveerd, heeft weinig interesse en is niet weg te slaan achter zijn game console. “Sluit achteraan in de rij…”, ging er even door me heen, uw zoon is geen uitzondering. Ook bij de universiteit waar ik aan verbonden ben, is men bezorgd om de jongens. Ze blijven achter in studietempo en studieresultaat bij de meisjes. Echter in hun professionele leven, doen ze het uiteindelijk beter dan meisjes. Ze verdienen gemiddeld een hoger salaris en er zijn nog steeds veel meer mannen dan vrouwen die hoge posities bekleden. Met andere woorden, het komt uiteindelijk wel goed met de (meeste) jongens, dus de paniek van de moeder lijkt als je het zo bekijkt niet nodig. Toch zijn er een aantal bevindingen uit breinonderzoek, waarvan ik vind dat docenten dat moeten weten:

  • Jongens zijn meer ruimtelijke en visuele leerders, daar waar meisjes meer verbaal en auditief ingesteld zijn.
  • Jongens hebben een minder ontwikkelde pre-frontale cortext (beslissingen, plannen, zelfbeheersing, zelfregulatie, zelfreflectie, lezen, schrijven en woord productie) dan meisjes van dezelfde leeftijd.
  • Jongens dwalen sneller en vaker af en hebben meer korte pauzes nodig.
  • Het jongensbrein kent minder bewegingen tussen activiteit in linker- en rechter hersenhelft; jongens zijn daarom meer gebaad bij kleinere afgebakende stukken informatie, zijn beter af met “single tasking” dus 1 taak tegelijk en hebben meer interesse in projecten.

Deze eigenschappen van het jongensbrein, maken dat jongens soms meer moeite hebben met:

  • Docent gecentreerde onderwijsvormen (lang luisteren, aantekeningen maken, stil zitten/studeren) is voor de meeste jongens moeilijker dan voor meisjes.
  • Lezen, schrijven en taal ligt jongens vaak wat minder goed dan meisjes.
  • Jongens zijn vaak wat minder sterk in het organiseren en plannen van zelfstudie (huiswerk maken).
  • Jongens zien regelmatig niet de relevantie van wat ze leren op school voor “het echte leven” en zijn minder bereid dan meisjes om iets te doen waar ze de “zin” niet van inzien.

Enkele tips voor jou als docent:

  • Laat ze zoveel als kan bewegen in je klas, tenminste wat jezelf tolerabel vindt.
  • Minimaliseer het aantal woorden dat je gebruikt, maximaliseer niet-verbale signalen.
  • Heroverweeg huiswerk. Geef bijvoorbeeld de kans om “geen huiswerk maken” te verdienen.
  • Probeer opdrachten te koppelen aan “het echte leven”.

Hoewel jongens zoals uit de cijfers blijkt het uiteindelijk goed doen in hun uiteindelijke professionele leven in vergelijking met hun schoolcarrière, is het de vraag met hoeveel plezier ze terugkijken naar school en leren. Uiteindelijk hopen we dat ook jongens en mannen een leven lang blijven leren. Een leven lang leren gebeurt door mensen die vertrouwen en plezier hebben in leren en dat plezier begint in jouw klas. Hoop dat mijn suggesties je hier een beetje bij helpen.

 

17-02-2014

Reacties

Reactie toevoegen

Naam
E-mail
Bericht